Grand Raid Cristalp
Ze is er … ze is er … de muze die een verslagje meebrengt over onze avonturen rond de 20e editie van de Grand Raid Cristalp, Europa’s zwaarste ééndagsmarathon!
Tijdens straffe tooggesprekken over heroïsche mountainbike-uitstappen en onmenselijk snel gereden toertochten stak het monster van “nóg sneller, nóg hoger en nóg straffer” plots de kop weer op. Onmiddellijk wordt dan bij de Zewieties het onderwerp ‘Cristalp’ aangesneden: de scherpe tijd van Sven, de neutralisatie in 2005 omwille van de barre weersomstandigheden, het gevloek van Papa Frank omdat hij een paar minuten te laat aan de tijdscontrole was, de inzinking van Tsjieppe op de Mandelon, de vergeefse pogingen van Jan om heel de tocht uit te rijden… we hebben het allemaal al 10 keer gehoord en we zullen het ongetwijfeld nog 100 keer horen. Toch blijft rond deze verhalen een mythische sfeer hangen en pogen we om de toehoorders te overtuigen wat voor straffe mannen we eigenlijk wel zijn.
En zie … het blijkt te lukken want in navolging van de vele Wieties die het avontuur al waagden, konden we anno domini 2009 nog een paar Zewieties strikken om deel te nemen aan de jubileumeditie. Wilfried is bereid om enkele maanden lang de nodige opofferingen te doen en doet een gooi naar het record van oudste Zewietie die ooit de lange afstand tussen Verbier en Grimentz reed. Hij zweert 6 maanden alle alcohol af en zorgt ervoor dat Viviane een nieuwe kleerkast broeken en hemden mag kopen want hij valt maar liefst 12 kg af.
Ook tijdens het Ardennen-weekeinde wordt uiteraard verteld over de Grand Raid en hier laten enkele Zefoefkes zien dat ook zij over de nodige overtuigingskracht beschikken om rijdende Zewieties via een omweg te recruteren: de leuke sfeer, beetje wandelen, beetje shoppen, snackske gaan eten, … Anneke is helemaal gewonnen voor een 5-daagse in de Zwitserse bergen en beslist dat Hans ook de Cristalp zal rijden. En Hans toont zich ongelofelijk bereid om zich op te offeren.
De Grand Raid succesvol afronden is ‘giéne kak’ en vergt de nodige trainingsinspanningen. Een intensief trainingsschema afwerken, is niet altijd evident want niet alleen moet er tussendoor nog een beetje gewerkt worden maar ook op sociaal en vooral familiaal vlak heeft iedereen zijn verplichtingen. Daar komen dan onze madams op de proppen en ik stamp een open deur in als ik zeg dat er soms wel eens gezaagd wordt over het feit dat we weer een paar uren moeten gaan basistrainen of dat er dit weekeinde weer twee lange toertochten op het programma staan. Bovendien gaan we dan op donderdagavond nog een beetje ‘spelen’ op de Kluisberg. Maar dat gras blijft maar groeien, die poort moet nog geschilderd worden en we zouden dit weekeinde toch gaan eten met ons schoonmoeder …? Tja, prioriteiten …
Maar ook al zullen ze het misschien niet graag toegeven, ze vinden het ook wel een beetje spannend en zijn dolenthousiast en apetrots op hun ventjes wanneer ze hen aan de start zien staan. Ze zijn zelfs nog zenuwachtiger dan wij en tijdens de wedstrijd hossen ze bergen op en af, gewapend met de Zewietie-vlag, rugzakken proviand en een enthousiasme dat alle andere toeschouwers aansteekt. Zó erg zelfs dat Hollanders, Fransen en Duitsers luidkeels ‘ZEWIETIES’ staan te scanderen zonder dat ze eigenlijk weten voor wie ze aan het roepen zijn.
Wanneer alle trainingsleed geleden is en het toch te laat is om trainingsachterstand goed te maken of enig gewichtsoverschot weg te werken, is het tijd om naar Zwitserland te vertrekken.
Woensdagmorgen 19 augustus
Rond 07u00 verzamelen we ten huize Gheldof om samen met Hans en An de 1000 km naar Verbier rond te maken. Jan komt donderdag met de trein maar gaf zijn fiets mee met de auto. Op de trein zou hij namelijk oa. zijn zadel moeten demonteren en gezien alles momenteel perfect is afgeregeld, besluit hij de fiets mee te geven met Hans … die het zadel moet afhalen om hem in zijn break te kunnen krijgen.
’s Middags zoeken we ons een groene tussenstop uit om onder de Zewieties-vlag onze pic-nic op te peuzelen en een uurtje verder stoppen we in een klein dorpje voor een koffie. We vluchten in de schaduw van een Heineken-parasol maar kunnen niet ontsnappen aan de loden hitte die keihard op ons valt wanneer we uit onze aircomobiel stappen. Hopelijk moeten we zaterdag niet rijden in zo’n weer want dat wordt ondraaglijk.
Onderweg krijgen we nog een sms-berichtje van Wilfried – WILLY voor de vrienden- dat hij een dagje later zal aankomen in Verbier. Blijkbaar is hij tijdens de vakantie een administratief warhoofd en was hij iets te los over de afgesproken overnachtingsdata gegaan zodat hij de eerste en de laatste nacht van onze hotellekes moet annuleren. Gelukkig maken de hoteliers hiervan geen probleem. Voor de beklimming naar Verbier wisselen we nog snel even van chauffeur zodat ons Bientje de nodige klimervaring kan opdoen met de Galaxy. Ze rijdt naar boven alsof ze al jaren niets anders doet en brengt ons veilig tot op de parking van Hotel de La Poste, recht tegenover hotel Garbo waar we in 2007 waren gelogeerd. Op woensdagavond is er nog weinig volk in het hotel en we worden dus zeer snel bediend zodat we na het eten nog een half uurtje kunnen uittrekken om nog eventjes door de hoofdstraat van Verbier te kuieren. Daarna duiken we snel in bed zodat lijf en leden zich wat kunnen opladen.
Donderdag 20 augustus
Tijdens een uitgebreid ontbijt spreken we af hoe onze dagindeling er zal uitzien. De dames gaan met de kabelbaan naar Les Ruïnettes waar ze een stevige wandeling voorzien. Van daaruit zullen ze richting Croix de Coeur stappen om dan terug de afdaling aan te vatten naar Verbier. Vooraf willen ze eerst even de kaart consulteren, kwestie van niet te verdwalen. Ik wil niets insinueren maar probeer het eens: stop 3 dames een stafkaart in de hand en laat ze een traject uitstippelen … Sabine was even (niet alleen figuurlijk) het noorden kwijt. Vrouwen en oriëntatie, het blijft fascinerend.
Sedert dit jaar kan je de technische keuring van je fiets laten uitvoeren in Verbier, zodat je je in Sion enkel moet aanbieden om je goedkeuringssticker te tonen. We besluiten dit deze voormiddag te doen en gaan met onze en Jans bike naar Bikeshop Médran. Onze bikes worden middels een kadersticker allemaal onmiddellijk technisch goedgekeurd. Er rijzen wel wat vraagtekens rond het ultralichte supersonische carbonplankje dat Jan onder de noemer ‘zadel’ op zijn fiets heeft gemonteerd. Maar ja, elk diertje zijn pleziertje.
We besluiten om onze madams achterna te fietsen naar Les Ruïnettes. Al van bij de eerste meters blijkt echter dat mijn derailleur in mijn achterwiel trekt op mijn kleinste voorplateau. Gezien ik toch wel van plan ben om die dit jaar wat meer te gebruiken, keer ik onmiddellijk terug naar de fietswinkel. Deze sluit over de middag tot 15u en omdat de nodige wisselstukken nog niet voorhanden zijn, moet ik dus ons eerste Zwitserland-toerke op de middenplateau rijden.
Aan hartslag 125 klimmen we onder een stralende zonnehemel zo’n 1000 hm om ’s middags samen met de ladies een broodje te eten aan het tussenstation. An, Sabine en Cindy zijn al goed ‘in the mood’ en hebben verbroederd met twee Hollandse Meiden ( om de (on)gezonde geesten onder ons voor te zijn: neen, niet van het type met lange benen, blonde haren, blauwe ogen en grote borstspieren. Het waren gewone madammen).
Omdat we weten dat het vandaag Véroniekskes verjaardag is en we haar toch wel een beetje missen, besluiten we een ‘in drieën gekapt’ verjaardags-sms-ke te sturen. En aangezien Tsjieppe en Cindy diezelfde dag 15 jaar getrouwd zijn, wordt er boven op de berg ook nog een beetje onderling gelebberd. Leuk toch hé, zo’n buitenlandse marathon!
Ondertussen zijn ‘Willy’ en Viviane aangekomen in Verbier en keer ik langs de blauwe afdalingspiste terug om samen met hen naar de fietsmaker te gaan. Een paar nieuwe pedalen later is ook Wilfrieds stalen ros goedgekeurd voor het grote avontuur. Ondertussen rijden Hans en Cis via een alternatieve route terug naar het hotel en vatten de dames hun afdaling te voet aan.
Het beloofde van ’s morgens al een fietstechnisch zenuwslopend dagje te worden voor de Tsjieppe en die belofte werd wel degelijk nagekomen. Om kort te zijn, ben ik die dag 5 keer teruggekeerd naar de bikestore omdat er telkens andere problemen waren: niet de juiste maat voorplateau voor een Truvativ-crankstel, nog geen tijd gehad, geen materiaal om de Truvativ uit te halen, … om zot te worden twee dagen voor de wedstrijd! Net voor sluitingstijd krijg ik dan te horen dat ik morgen ergens in Martigny een fietszaak moet weten te vinden die het gespecialiseerde materiaal heeft. De kleine plateau zelf, die intussen wél al voor handen is, krijg ik gratis mee omdat de fietsmaker gefrustreerd is dat hij me niet kan helpen. Op de terugweg naar het hotel zie ik in een downhill-store een bike staan met een Truvativ Noir. Met de moed der wanhoop, een schaapachtige blik in de ogen en mijn plateautje onder de arm stap ik hoopvol de store binnen: die heeft het ‘gespecialiseerde materiaal’, zijnde ne fermen umbraco, wél en in minder dan 10 minuten is mijnen boel gemonteerd en met 7 € werk kom ik ervan af. Een goed einde van een technische frustratiedag. Ook dat is de Cristalp. Ondertussen zitten Hans en Cis al in het zwembad en om alle frustraties af te schudden, jump ik er in mijn onderbroek bij. Het deed enorm deugd maar het was wel ambetant om achteraf al die hunkerende vrouwen rond het zwembad weg te krijgen. Ik zeg er voor de veiligheid niet bij dat de meerderheid van onze hotelpopulatie die dag nog altijd uit 77+ bestond.
’s Avonds gaan we nog gezellig wat ‘loungen’ in het lokale jeugdcafé en maken we ons op voor onze laatste dag vóór de wedstrijd. We krijgen een sms-je van Jan dat hij veilig is aangekomen in zijn chalet en spreken af voor morgenvroeg. Voorlopig blijft de sfeer bij bikers en entourage nog vrij ontspannen maar hier en daar hangt toch al een zweem van gezonde spanning. Dank zij de getallencombinatie 83147 (de code van de –lege- Zwitserse bankrekening van de Tsjieppe) geraken we nog binnen in Hotel de La Poste want we zijn een beetje langer blijven hangen dan voorzien (letterlijk, want sommige stoelen hingen aan het plafond).
Vrijdag 21 augustus
Na een gezamenlijk ontbijt is het tijd om de fietsen op het rek te zetten en ons startnummer en de bijhorende goodie-bag op te halen in Sion. Ik laad me mentaal op om daar eens stevig van mijn kl*MN te maken omdat ik om onbegrijpelijke redenen het startnummer 1272 kreeg toegewezen waardoor ik in blok 2 zou moeten starten, een kwartier later dan de rest van het Zewietie-legioen. Ondanks een resem aan argumenten had ik de organisatie mailsgewijs niet kunnen overtuigen om mij een ander nummer te geven. Ik ben dus klaar om serieus wat keet te schoppen maar dat bleek niet nodig. Ik had in een laatste poging nog mijn “licentienummer” (‘BEL’ + nummer van WBV) doorgegeven en plots kreeg ik in Sion startnummer 507, goed voor een startplaats in blok 1.
De technische keuring verloopt zeer vlot omdat wij via een by-pass mogen passeren. Enkel Hans moet nog een paar nieuwe remblokjes laten plaatsen. In het fietsdorp lopen we nog enkele Waregemse kennissen van Jan en Cis tegen het lijf en na wat onderlinge peptalk keren we terug naar Verbier waar we met de dames hebben afgesproken voor een pastaatje. Hun wandeling loopt wat langer uit dan voorzien en wij bestellen alvast wat we graag hebben. Alhoewel … Na een zoektocht op de menukaart blijkt dat er verschillende soorten pasta worden aangeboden, behalve spaghetti. Jan besluit al zijn charmes in de strijd te gooien en vraagt de dienster vriendelijk of het mogelijk is om spaghetti te krijgen in plaats van penne. Ze zegt dat ze het eens zal navragen maar ze denkt dat dit niet mogelijk is. Er wordt wat gelachen om Jan, die nog een paar keer vriendelijk maar met de nodige aandrang vraagt of hij toch spaghetti kan krijgen. De serveuze is niet voorzien van abnormaal brede heupen maar hij begint er toch een beetje op te werken. En wat denk je: er is geen spaghetti. Soit, penne dan maar.
Een half uurtje later komen onze dames aan maar als ze willen bestellen, blijkt de keuken gesloten en kunnen ze enkel nog snacks krijgen: er is keuze tussen pizza en … spaghetti. Whouha, whouha, whouha …. den Beyens zijn smoelke … nie te doene !!!
Tussen al het lachen door nog snel een foto naar het thuisfront sturen met den BlueBerry (of was het BlackBerry ??) van Jan en dan naar het hotel voor een frisse duik, om wat te chillen in de zon, terreinkennis uit te wisselen en de fietsen te behangen met tijdschema’s en hoogteprofielen.
Willy checkt nog even of hij morgen met zijn Zewietiebroek zal rijden maar het kiloverlies heeft ook hier zijn tol geëist: zijn aansluitende lycrabroekje blijkt een loshangende zwemshort geworden te zijn. Een suggestie voor de toekomstige kledinglijn? De nieuwe kledij moet inderdaad hoogdringend besteld worden!
Vóór het avondeten zijn Cis en Tsjieppe nog even hun dames ter wille en gaan we nog eens op strooptocht in de vele kledijwinkeltjes. We hebben wel niets nodig, maar ja, je weet maar nooit dat je iets interessants tegenkomt. Een ski-ensemble voor Cindy en wat kinderkledij voor de Gheldof Jrs later zitten we aan tafel voor de ultieme koolhydraatopslag. Vanavond is het hotel wel volgeboekt en deze keer met overwegend grote groepen testosteronbommen. We zullen vanavond onze hotelkamer goed moeten sluiten.
Na het eten vlug naar de kamer om de valiezen te pakken en zo vroeg mogelijk onder de wol te kruipen. We gaan de laatste nacht in vóór we de arena betreden. Onze tegenstanders zijn geen leeuwen of gladiatoren maar wel de Zwitserse bergen, onze vroegere te kloppen tijden en ons eigen overtollige lichaamsgewicht. Maar dat zijn zorgen voor morgen …
Zaterdag 22 augustus: C(ristalp)-Day
… en die komt er vroeger dan we zouden willen. Na een wat onrustige nacht moeten we om 04u30 opstaan en om 04u45 zitten we al aan de ontbijttafel. Er hangt voelbaar spanning in de ontbijtzaal en Anneke besluit om die te doorprikken. Ze wiebelt een beetje op haar stoel en slaakt een luide kreet (we hadden niets anders verwacht van An) wanneer ze met een knal op haar achterste op de grond terechtkomt. “Een stoel kapot, dat was een klop, van Anneke op de hoek”. Hilariteit alom en de spanning is doorbroken: mission accomplished.
Na dit ludieke intermezzo vertrekken An en Hans naar Hérémence want Hans moet daar om 07u00 starten voor de 70 km. De dames hebben onderling afgesproken zodat Sabine, Viviane, An en Cindy de dag toch nog grotendeels samen kunnen doorbrengen.
Een kwartiertje vóór de start staan we achteraan in het eerste startblok en om 06u30’ wordt het startschot gegeven van de 20e editie van de Grand Raid. Het is veel warmer dan 2 jaar geleden en arm- en beenovertrekken en een bodywarmer zijn zelfs niet nodig. De hartslag is al weer 20 slagen hoger dan normaal en vlug wensen we elkaar nog succes toe. Een laatste kusje van onze schat, vlug een fotooke en weg zijn we … tot vanavond.
Tijdens een onderneming als deze rijdt elk zijn eigen wedstrijd met zijn individuele problemen en kwelduivels en ik kan dus enkel voor mezelf spreken. Tijdens de eerste klim naar Croix-de-Coeur (7 km en 700 hm) start ik als laatste, rijjd eerst bij Jan en Wilfried en versnel dan een beetje omdat ik verder Cis zie rijden. Ik houd mijn tempo en kom na 47’ boven. Een beetje voor Cis. Ik rij verder mijn tempo en even voor Hérémence krijg ik al krampen. Wanneer ik afstap bij onze Zewietie-dames knal ik keihard door de benen en moet ik een 10-tal minuten (laten) stretchen. Ik weet dat de Mandelon mijn zwart beest van 2007 is geweest en maak me zorgen. Ik kan echter vrij goed recuperen van de krampen en waar ik de vorige keer op de Mandelon zelfs door een slak werd voorbijgestoken, rij ik nu zeer vlot naar boven. Ik rij de ene na de andere biker voorbij en dat is zeer goed voor de moraal. Ook het feit dat Ciske me nog niet komt voorbijgereden geeft me vleugels. De krampen blijven echter wel latent aanwezig en het is continu balanceren op de rand van ‘wél en niet’ maar ik ben dat onderhand wel gewoon en kon het onder controle houden, hoewel het bij momenten wel zeer pijnlijk is. Nog nooit dronk ik zoveel bouillon om mijn zoutgehalte op peil te houden! Op het rot(s)plateau na de Mandelon kan ik bijna overal blijven rijden en blijf ik gespaard van materiaalpech. Net voor Evolène tuimel ik over een andere biker die het tijdens een ‘glij-afdaling’ in het zand tussen de stenen niet meer ziet zitten en denkt even af te stappen. Hij ondervindt snel dat dit op dat ogenblik geen optie meer is en gaat languit vóór mij liggen. Ik probeer nog om erover te jumpen maar het is te steil, mijn voorwiel blokkeert in het zand en we liggen er met twee. Gelukkig komen we ervan af met wat schaafwonden en blauwe plekken op de kuiten.
Omdat ik ook in Evolène nog altijd de eerste Zewietie ben, zie ik mijn persoonlijke doelstelling om onder de 11u00 te rijden nog helemaal zitten en besluit niet langer dan 10’ te rusten. Wat snelle suikers, een redbull en vlug bij de ZEladies even informeren naar de overige Zewieties. Op weg voor de beklimmingen van Evolène via Eison naar La Vieille. De zon is ondertussen volop aan het schijnen en ik begin het steeds moeilijker te krijgen om mijn krampen te onderdrukken. Ik moet meermaals van de fiets maar blijf stappen om zo weinig mogelijk tijd te verliezen. Ik kom rond 15u05 aan in La Vieille. Weer enkele bouillons later begint de calvarietocht naar de top van Pas de Lona. Eens de wandeling van de dag erop zit, zie ik Hans staan aan de bevoorrading. Het is slechts 6°C en er staat een gure wind en ik ben vastberaden om onder de 11u00 te rijden dus veel meer dan een korte begroeting kan er niet van af. Ik geef alles wat ik kan en vlam verschillende bikers in het gras voorbij naast de single-track op weg naar de laatste beklimming van Bassin de Lona, daarna gaat het aan een razend tempo naar beneden en met een tandemcombinatie in mijn wiel storten we ons in het eerste deel van de afdaling tot de stuwdam van Lac du Moiry. Uit mijn ooghoeken zie ik een azuurblauwe vlek maar tijd om ervan te genieten heb ik niet. Een fractie van een seconde onvoorzichtigheid zou me hier duur te staan kunnen komen. De sight-seeing zal voor morgen zijn.
Vanaf de barrage moet de tandem omwille van de techniciteit van het parcours afhaken en in de licht hellende afdaling door de rivierbedding blijf ik geconcentreerd doorgaan. Eens uit de bedding volgen er nog een 5-tal helse kilometers over grote stenen en een aantal keer flitst het door mijn hoofd “als ik nu maar niet val” want in de laatste 10 km heb ik al drie bikers tegen de grond zien liggen, de ene al meer gehavend dan de andere.
Ik zie ondertussen de aankomsttent al staan en hoor de speaker al praten maar heb nog geen kans gehad om mijn tijd te checken. De afdaling verloopt echter ijzingwekkend snel maar ik heb een zeer goed gevoel en weet zeker dat ik zonder valpartij of pech onder de 11u00 zal eindigen: wat een zalig gevoel. Wanneer ik over de aankomstboog rij, zie ik de klok op 10u41’ staan. Yes, gelukt.
Sabine en Cindy zijn net te laat om mijn aankomst op de gevoelige plaat vast te leggen omdat ze ruzie gemaakt hebben met de GPS-madam en die heeft hen gestraft met een serieuze omweg. Gelukkig is An er al om me over de meet te juichen. Ik informeer onmiddellijk hoe het met Jan en Wilfried is en krijg te horen dat Jan gepasseerd is in La Vieille. Onze Willy heeft moeten stoppen in Evolène. Ik ben erg ontgoocheld maar naar het schijnt was Wilfried er zelf op dat ogenblik niet echt kwaad om.
Een klein half uurtje later komt ook Cis onder luid gejuich onder de boog gerold. Ook hij is Hans tegengekomen ergens tijdens de laatste afdaling. Behalve genieten van het ongelofelijk uitzicht, neemt Hans ook nog de tijd om eens lek te rijden en om de rotsachtige ondergrond van heel dichtbij te inspecteren. Op de duur begint het volk weg te trekken, men start de afbraak van de promotenten, helikopters vliegen af en aan met het materiaal uit de bergen, de zon begint onder te gaan en de wind wordt steeds kouder … en op de aankomststrook wordt het zeer stil. Plots belt Piet en zegt dat Jan niet geregistreerd staat op La Vieille, terwijl Cindy van Jan zelf een sms heeft gekregen dat hij mocht doorrijden tot de aankomst. Quid? Met verrekijkers speuren we de einder af en elke aanvliegende helikopter wordt geïnspecteerd op een draagberrie. Er zal toch niets ergs gebeurd zijn? Plots horen we in de speakers dat er nog 3 bikers op het parcours zijn en dat de laatste ook een boeket zal ontvangen. Bovendien zouden het 3 Belgen zijn. De woorden van de speaker zijn nog niet helemaal koud (wij intussen wel al behoorlijk) of daar komt Jan met een gelukzalige smile op het gezicht de aankomstzone ingereden. Derde keer, goede keer. Omdat hij zo’n 3 minuten te laat was voor de laatste controle in La Vieille, moest hij zijn chip en startnummer afgeven maar hij mocht wel doorrijden tot in Hérémence. Bruce Dickenson en de zijnen hebben Jan 12u30’ bijgestaan tijdens zijn exploot maar nu heeft hij wel eventjes genoeg van Iron Maiden. ‘Flight 666’ zal hem voorgoed doen mijmeren over kilometerslange beklimmingen in de Zwitserse Alpen.
Het heerlijke ‘gekkenwerkgevoel’ tijdens mijn laatste afdaling naar Hérémence blijkt te kloppen want wanneer ik achteraf de tussentijden en bijhorende plaatsen bekijk, blijkt dat ik gedurende heel de wedstrijd rond een 630ste stek op ongeveer 1000 reed. Mijn afdalingstijd op het laatste stuk was de 392ste !
Goed gek dus, maar wel zeer leuk.
’s Avonds genieten we na een deugddoende douche van de alcoholhoudende apéro en een lekker avondmaal in ons hotel Becs des Bosson in Grimentz. Sommigen kruipen al wat vroeger onder de wol dan anderen en die anderen kappen dus ook enkele deciliters meer bier en wijn binnen dan de sommigen … Cis heeft het op de duur zelfs moeilijk om zich te ‘focuseren’ (zoals hij dat zo mooi probeerde uit te leggen).
Zondag 23 augustus
En dat is er ’s morgens aan te zien. Jan zijn grijs-zwarte lokken wijzen zowat alle windrichtingen uit en wanneer hij na het ontbijt bij Wilfried en Viviane in de auto kruipt, duikt hij vrijwel onmiddellijk onder op de achterbank. Net wanneer ze wegrijden, komt de bazin met angstige ogen buitengelopen en vraagt of ik soms in kamer 11 geslapen heb deze nacht. Ik ontken vriendelijk en terwijl ze de zwarte Volvo nastaart, neemt de paniek in haar ogen nog toe:
- “Il n’a pas payé!!”
- “Maar natuurlijk niet madammeke, ik zal dat wel doen in zijn plaats want hij is gisteren zijn portefeuille vergeten in Verbier en ze sturen ze op naar België” … maar dan in ’t Frans.
Oef, de opluchting bij onze gastvrouw is groot.
Terwijl Wilfried al goed op weg is om zijn caravan te gaan oppikken in de Jura, ontbijten wij nog samen met Hans en An die besluiten de traditionele ‘Lac du Moiry champagne pic-nic’ aan zich te laten voorbijgaan. De laatste der Zewietanen ( gezinnen Gheldof-Tsjieppe) vertrekken pas morgen naar huis en besluiten nog een dag te genieten van de prachtige streek. Francis probeert er nog een ferme bergwandeling door te krijgen maar de democratie en de zon beslissen er anders over: naar de Lac voor een onvervalste zonnekloppersnamiddag. Terwijl we keurig onze proviand over de rotsen draperen, wordt de fles Piper Heidsick in het gletsjerwater gekoeld en vergapen we ons nog maar eens aan de prachtige omgeving. Nadat we de fles professioneel onthoofd hebben, gaat ze terug ‘in de frigo’. De consternatie is echter groot wanneer we bij een tweede ronde vaststellen dat onze fles weer vol is. De stroming heeft ze omgelegd en langzaam werd een half-lege fles opnieuw een volle fles: de wonderen van de Zwitserse bergwereld. De Champie is dus wat minder straf maar we hebben er nu meer en toch sloeberen we nog alles leeg. In de vooravond genieten we nog van de ondergaande zon op de stuwdam en Cindy zou zowaar nog graag een foto laten nemen. Met haar professioneel advies ‘om te trekken moet ge duwen’ is de werking van ons gesofisticeerd fototoestel ook al onmiddellijk duidelijk voor Sabine.
Vanavond nog een afsluitende raclette-avond met bijhorende vin blanc en hiermee wordt de 20e editie van de Grand Raid voor ons op perfecte wijze afgesloten.
Ongeacht vooropgestelde (on)verwezenlijkte doelstellingen en gedeelde ontgoocheling of vreugde, kijken we nu al met weemoed terug naar de foto’s van dit voor iedereen geslaagde avontuur. Er heerste een supertoffe sfeer, het weer was prachtig, de compagnie was perfect, er raakte niemand gewond en we werden zowel vóór als na de wedstrijd overladen met deugddoende steun- en felicitatie-smsjes van het Zewietie thuisfront.
… en stiekem hoop ik erop dat we eens een hele bus Zewieties vol krijgen om naar Verbier te gaan. Het moet niet altijd Theux zijn!
Zo, ik denk dat die muze blij is dat ze van dat grote pak inspiratie af is, ’t moet nogal zwaar geweest zijn.
Tsjieppe
Pour la petite histoire, hierbij een lijstje van de Zewieties die al deelnamen aan de Grand Raid Cristalp:
121 km (Verbier-Grimentz):
- Sven GOEDEFROO (2 x, personal & Zewieties’ best 09u21’)
- Francis VERCAEMST (4 x, personal best: )
- Francis GHELDOF (4 x, personal best: 11u07’ )
- Piet TYVAERT (4 x, personal best: )
- Jan BEYENS (3 x, personal best: buiten tijd in 12u30’)
- ‘Tsjieppe’ PIESSCHAERT (2 x, personal best 10u41’)
- Frank TAELMAN (1 x, buiten tijd in Evolène)
- Eddy SCHELFHAUT (1 x, buiten tijd in )
- Wilfried VANDENGINSTE (1 x, buiten tijd in Evolène)
- Dirk VERBAUWHEDE (1 x, neutralisatie in 2005)
70 km (Hérémence-Grimentz):
- Hans CARRON (1 x, personal best: )


