Grand Raid (Cristalp) 2011
“… mo gauw vint, da mééndju nie !! …” dat moet ongetwijfeld door enkele Zewietie-vrouwen hun hoofd zijn gegaan toen hun mannen op de 50-jaar fuif van Christine beslisten om anno 2011 nog maar eens de Grand Raid, beter gekend als de Cristalp, te rijden.
Het feit dat o.a. de 2 Cissen het zien zitten om zich op te laden voor een 5e deelname aan de moeder aller Europese mountainbikemarathons zegt genoeg over de aantrekkingskracht van wat één van de meest mythische bikeraces wordt genoemd. Getallen zeggen niet alles, maar toch: 127 km en 5.000 hm… geef maar pulle!!
De onversaagden die zich engageren voor de 2011 editie zijn de 2 Cissen, Johan, Piet T. en Tsjieppe voor de lange afstand vanuit Verbier (127 km) en Hans en Filip N. voor het traject vanuit Hérémence (90 km). Linda heeft haar baas al zo veel horen vertellen over de Cristalp dat ze nu eigenlijk wel eens met eigen ogen wil zien of hij niet al te veel overdrijft en ze besluit daarom zelf eens ter plaatse poolshoogte te gaan nemen.
Iedereen heeft zo zijn eigen manier van voorbereiden: naar de Spaanse bergen trekken, strandraces rijden, downhillekes gaan doen, lange trainingen langs de Leie en Schelde, afstandstrainingen naar zee en zelfs collectieve trainingen naar de Portugese berg Monchique …
Het is voor Johan en Filip een eerste kennismaking met de Grand Raid en ze worden zodanig overstelpt met trainingsadvies en parcoursinfo dat ze door de bomen het bos niet meer zien. Een eerste uitdaging bestaat er dan ook in om al deze goed bedoelde raad in een overzichtelijk pakket te kunnen gieten.
De voorbereiding verloopt voor iedereen min of meer naar wens zonder grote tegenslagen of blessures. De grootste klacht die we horen is bij iedereen dezelfde: had ik maar wat meer tijd om te trainen. Cis G. kan door zijn werklast in het voorjaar niet genoeg basiskilometers trainen en besluit dan maar de nadruk te leggen op techniektrainingen over een CMC-hindernis. Pijnlijk maar gelukkig zonder blijvende zichtbare schade: niekske Cras-cross, de Gheldof-jump is geboren.
Gedurende het voorjaar tellen we één afvallige: Piet verkiest de Foef Fighters op Pukkelpop boven zijn Zewietie-gezellen. Hij spreekt af dat hij wel zal meetrainen om te kunnen rijden moesten zijn idolen door omstandigheden toch niet optreden. Een afspraak die later een bijzonder pijnlijke bijbetekenis zou krijgen, maar dat wisten we dan nog niet.
De week voor ons vertrek komen we nog eens samen bij Filip en Christine en worden de laatste afspraken gemaakt. Het wordt tijdens deze gezellige avond op het terras al gauw duidelijk dat het welslagen van onze expeditie niet aan het gezelschap zal gelegen zijn.
Op woensdag 17 augustus is het eindelijk zo ver: we spreken om 06u40’ af bij Cis en Véro om zeker rond 07u00’ te kunnen vertrekken. Het is bijna niet mogelijk maar zelfs Tsjieppe en Cindy zijn op tijd op de plaats van de afspraak. Misschien zit het feit dat ze meerijden met Johan en Trui daar voor iets tussen? Ook Cis G., Bientje en Linda zijn al op post. Wanneer tenslotte Filip, Christine, Hans en Ann aankomen is de karavaan compleet. We lopen alsnog wat vertraging op wanneer blijkt dat Cis V. geen onderbroeken mee heeft en er in laatste instantie nog wat reetveters uit de kast moeten worden gevist. Ondertussen maakt Ann ongemerkt gebruik van het toilet en voor ze het weet staat ze aan de verkeerde kant van de gesloten voordeur te roepen om haar Hanske. Uiteindelijk kunnen we toch vertrekken.
De zonnige heenreis verloopt aan een zeer gemoedelijk tempo en naar aloude gewoonte wordt ’s middags tijdens de pic-nic een eerste keer de Zewietie-banner ontvouwen. Beetje eten, beetje foto’s, een koffietje… ge kent dat ondertussen wel.
Na de lunchpauze moeten de airco’s onmiddellijk volle bak worden opengedraaid want de zon staat inmiddels al zo fel te schijnen dat de buitentemperaturen flirten met de 30°C.
Een paar uurtjes later is het tijd voor een tussenstop en omdat we toch tussen 2 autostrades aan het rijden zijn, wordt het sms-berichtje “t’è ton toart’in Tann” onder te troepen rondgestuurd. Bij de ontplooiing blijken echter maar twee voertuigen de rendez-vous plaats op te draaien. Hans trekt immers verder ten aanval tegen de Zwitsers en zo komt het dat we met gedecimeerde manschappen de lokale koffie en gebak moeten verorberen. De aankomsttijd in Verbier wordt hierdoor wel met een half uur verschoven maar de gezellige stopplaats maakt dit ruimschoots goed.
Rond 20u00 komen we in Verbier in Hotel de la Poste aan en na de check-in en kamerverdeling genieten we van ons eerste avondmaal. De rijstschotel met kalfslapjes is lekker maar niet al te ruim bemeten voor naar koolhydraten hongerende bikers en hun ega’s en al gauw maakt het Portugese horeca personeel kennis met de inhoud van de Vlaamse magen: er moeten extra porties rijst worden aangevoerd. Het was misschien de eerste keer dat zij dit meemaakten maar het zou zeker de laatste keer niet zijn.
Saus moest niet meer bijgehaald worden want Cis V. had er zelfs nog over. Hij had namelijk met chirurgische precisie elke milliliter saus van zijn kalfslapjes en zelfs rijstkorreltjes geschraapt. Een houding die hij consequent doortrok bij het dessert waarbij hij zich beperkte tot de bosbesjes en het ijs en de crème-fresh liet wegsmelten.
Na een deugddoende nachtrust wordt aan het ontbijt het programma voor dag 2 besproken. Wij zullen wat sleutelen aan onze fietsen en daarna rustig de eerste beklimming naar Croix de Coeur rijden. De Zefoefkes zullen wandelen. Stapschoenen, glanzende benen in korte broekjes, topjes met bijhorende décolletés, petjes, … je raadt het al: het wordt weer broeierig warm vandaag.
Terwijl wij beneden banden vervangen, vijzen aanspannen, de pro’s en contra’s van Tubeless bespreken, …. zijn de dames al vlot op weg naar de tussenstop aan het skistation Les Ruïnettes waar we hebben afgesproken.
Onze verkenning loopt vlot en tegen de tijd dat we het terras van Les Ruïnettes in het zicht krijgen, staan de madams al naar ons te wuiven.
We drinken veel te dure frisdrank, verorberen alle salade die er op 2200m hoogte te vinden is en delen een te veel bestelde hot-dog maar hebben vooral zeer veel plezier. We genieten van het landschap, de fauna & flora, het prachtige weer en elkaars aanwezigheid. Meer moet dat absoluut niet zijn.
Het is ondertussen tijd voor de afdaling naar fietshandel Médran waar we vandaag nog onze fietsen willen laten keuren zodat we morgen op de technische controle in Sion wat vlotter kunnen passeren. We mogen onze bikes achterlaten en ze na een check-up om 17u30 terug ophalen. Wanneer we dit doen, blijken alle fietsen voorzien van de fel beheerde controle-sticker op de schuine bovenbuis. Voor Hans was er evenwel een kanttekening want behalve een controle-sticker, ging er ook een post-itje op met de vermelding 25,- Chf. Er was een stukje van de ‘versnellingsgêne’ vervangen. Aangezien Hans zelf het nodige materiaal mee heeft, eist hij dat dit opnieuw wordt verwijderd zodat hij zelf de herstelling kan doen. … en zo geschiedde het.
Terwijl wij bij wijze van aperitief de rest van onze dagelijkse anderhalve liter ‘carbo-saver’ naar binnen kappen, zijn de dames opnieuw aangekomen in het hotel. Ze hebben nog een uurtje vóór het zwembad sluit en vullen dit onmiddellijk in met een sessie ‘zwanger zwemmen’: allemaal planten ze een twee meter lange, felgekleurde schuimrubberen buis tussen hun benen en dobberen zalig kakelend rond in het water. Sommige mannen stellen zich zelfs luidop de vraag of ze misschien iets te kort komen.
Terwijl Hans bezig is met de werkzaamheden aan zijn fiets, komt er een prachtige jonge adonis met blond golvend haar bij hem staan. Dit is ook Ann niet ontgaan en gehuld in een handdoek die ze snel rond haar druipende badpak heeft geslagen, komt ze het zwembad uitgestormd. Ze knoopt nonchalant maar doelgericht een gesprek met hem aan en vindt het toch zo jammer dat hij helemaal alleen naar Verbier gekomen is om de Cristalp te rijden. Nog voor de relatief jonge ‘Jaan Peeters vaan Aantwaarpen’ er enige erg in heeft, wordt hij al verondersteld bij ons aan het avondmaal te zitten.
Die avond verorberen we een uitzonderlijke visschotel van een zoetwatervis die al sedert 1922 is uitgestorven en die volgens onze Portugese visser-ober Albino eigenlijk uit de zee komt. We bestellen ook nog een emmer witte rijst bij om het koolhydraatpeil verder de hoogte te laten inschieten. Ondertussen worden wat ondervragingstechnieken toegepast op onze (allez, eigenlijk meer die van de madams) nieuwe Antwerpse vriend met als doel te weten hoe we zijn fietscapaciteiten moeten inschatten en we concluderen dat we er eigenlijk relatief gerust in zijn. De madammen willen echter weten wat hij doet in het dagelijkse leven, welk stuurnummerke hij heeft, welk pakje hij gaat dragen, …. want ze zullen ook voor hem supporteren hé. Die arme jongen is hier namelijk helemaal alleen om voor de eerste keer van de langste en zwaarste ééndagsmarathon van Europa te proeven. Maar ja, hij is veranderd van werk en heeft 3 maanden verlof genomen om te trainen. We zullen zondag onze beste benen moeten uithalen als we willen indruk maken op onze ega’s.
Na het dessert gaan we nog een koffietje drinken in een lokale kroeg en krijgen we bericht dat op Pukkelpop een tent is ingezakt tijdens een storm en dat de Foef Fighters niet zullen optreden. Met de belofte van Piet in het achterhoofd, slaan we allemaal aan het sms-en in de hoop om hem alsnog last-minute naar Verbier te krijgen. Onze speelse sfeer slaat echter snel om in bezorgdheid wanneer geleidelijk aan de ernst van feiten duidelijker wordt. Iedereen kent wel iemand die op Pukkelpop zit en gelukkig blijkt na verloop van tijd uit de sms-en dat alle bekenden zonder kleerscheuren uit het festival gekomen zijn.
Ook vrijdag staat uiteraard grotendeels in het teken van de nakende Grand Raid en omdat de vrouwen eigenlijk nog nooit de sfeer hebben opgesnoven van de technische keuring in Sion, besluiten we om allemaal samen te gaan en daarna ergens te velde onze pic-nic naar binnen te werken. Bovendien komt deze dagindeling goed uit want Hans, Ann, Filip en Christine hebben immers voor de komende nacht een hotelkamer geboekt in Sion. Op die manier moeten ze morgen niet zo vroeg opstaan om naar de start in Hérémence te rijden.
Op de militaire site van Sion heerst een drukte van jewelste maar alles is perfect georganiseerd: de aanmelding verloopt zeer vlot en omdat we al een sticker van de technische keuring van Médran hebben, worden we onmiddellijk doorgelaten. We worden overstelpt met goodies en krijgen armstukken, stickers, mooie kaarten met het traject, een multitool, stalen van sportdranken en –bars, … Bovendien kunnen we ons bij de stands van diverse fietsmerken vergapen aan alle nieuwigheden voor het komende seizoen: 26’ers, 29’ers, racefietsen, …
Het oestrogeen-peil van onze vrouwen moet dit jaar enorm hoog staan want we kunnen onze rug niet keren of onze harem richt zijn pijlen op andere dan hun eigen mannen. Dit keer is het de piloot van het Rode Kruis die erg in de smaak valt. Hij is bijna twee keer zo oud als Jantje Peeters maar een helicopter maakt blijkbaar meer indruk dan een carbonfiets en ze vragen hem de kleren van het lijf, poseren met hem voor zijn toestel, maken hem zo zot dat ze eens op zijn vliegspeeltje mogen gaan zitten en beloven hem een foto te zullen opsturen … Binnenkort hangen onze Zewietiebabes dus tussen andere pin-ups op de binnenkant van een groezelige locker in een helicopterdepot van Sion. … en avant.
De parcourkennis van onze supporters blijft omwille van praktische redenen altijd beperkt tot de dorpskern van Hérémence en Evolène en daarom profiteren we ervan om met de auto de Mandelon op te rijden. We stoppen aan de overgang tussen asfalt en onverhard waar we een prachtige lokatie vinden om te eten. We genieten er, onder de Zewietie-vlag, van het alweer prachtige uitzicht en het stralende weer. We maken er een paar honderd foto’s (of wat had je gedacht) en misbruiken Piet zijn naamplaatje op alle mogelijke manieren.
Ter plaatse zijn de voorbereidingswerken voor de bevoorradingspost van morgen al volop aan de gang met twee overbemeten hoogtewerkers. Onze groep splitst zich op en terwijl de Cissen en Johan met de fiets het “patattenveld” nog eens gaan verkennen, houden Filip en Tsjieppe de wacht bij de auto’s. Hans trekt met de meute Zefoefkes de wandelschoenen aan voor een verkenning te voet. Omdat hij wat langer wegblijft dan de bikers, slaat in afwachting de sleutelgekte weer toe en opnieuw worden er testen gedaan met schoenplaatjes, bandenspanning, kettingponsen, …
Wanneer iedereen ter plaatse is, wordt tijdelijk afscheid genomen van de Cristalpers en ega’s die morgen vanaf Hérémence het Grote Avontuur zullen beleven. Afspraak morgenavond onder de aankomstboog in Grimentz, hopelijk allemaal zonder blessures en een sterk verhaal rijker.
Omdat het al vrij laat is, ziet ons vrijdagavondprogramma er kort en krachtig uit: inpakken, kilometers spaghetti met liters water doorspoelen, afrekenen in het hotel, de laatste praktische regelingen treffen en vroeg naar bed want we moeten morgen om 05u00’ opstaan.
Na een korte en toch ietwat onrustige nacht, komen we rond het vooropgestelde uur aan in de overvolle ontbijtruimte vol wriemelende zeemvelbroeken. Iedereen propt zich een laatste keer vol trage en halfsnelle suikers. Terwijl de dames nog aan het ontbijten zijn, worden bijna alle toiletten in het hotel tegelijkertijd doorgespoeld want de spanning begint nu toch wel te komen.
Dieper in het dorp horen we de speaker al aankondigen dat de wedstrijd over een half uurtje van start wordt geschoten. We helpen onze supporters nog vlug met het laden van de valiezen en begeven ons dan naar onze startblok. Ondanks het vroege uur is het opvallend zacht weer en we moeten zelfs geen arm- of beenstukken aantrekken. We hebben het al anders geweten!
Eenmaal in onze startbox, kondigt de speaker aan dat de UCI bij wijze van uitzondering besloten heeft dat de competitierenners van alle bevoorradingen gebruik mogen maken. … m.a.w. het zal er vandaag letterlijk zeer warm aan toe gaan. Joepie?????
Exact om 06u30’ mogen de profs hun eerste klim van de dag opvliegen, onmiddellijk gevolgd door de rest van de mindere vogels. Het parcours is een klein beetje gewijzigd ten opzichte van andere jaren en nu rijden we via Les Ruïnettes naar Croix de Coeur. Boven op Les Ruïnettes zitten Cis V., Johan en ikzelf nog vlak bij elkaar. Cis G. rijdt een klein stukje achter ons. We worden er verwelkomd door een horde fans van anderen en de 4-koppige lokale popgroep “De Alpenhoorn”. Een aandoenlijk begin van ons avontuur. Van daaruit rijden we over een 4 km lange vlakke strook langs de bergflank naar Croix de Coeur. Halverwege moeten we door een tunnel die de organisatie met een grote spandoek heeft omgedoopt tot de “road to hell”. Van binnen wordt de tunnel opgelicht met rood licht (waarvoor we niet moeten stoppen … wijsneuzen) en twee knoerten van boxen blazen ons met vette beats bijna uit onze klikpedalen. Supercool !!
Elke deelnemer rijdt deze marathon met eigen doelstellingen, moeilijkheden en gloriemomenten. Binnen de Zewieties is het niet anders. Ik kan dan ook geen gefundeerd verslag geven over hoe de twee Cissen, Johan, Hans of Filip hun Grand Raid hebben ervaren. Ik kan enkel zeggen dat
-
Cis V. vertrok met grote ambities en die volledig heeft kunnen waarmaken.
-
Johan tijdens zijn eerste deelname een dijk van een tijd neerzette ondanks een kettingbreuk even voor Hérémence.
-
Cis G. opgaf omdat hij vreesde de laatste tijdspoort niet meer te zullen halen in La Veille en hij niet wilde dat zijn Bientje hem tegen de avond zou moeten gaan oppikken in Sion.
-
Filip zijn gouden vorm verzilverde met een zeer mooie prestatie.
-
Hans ondanks een mindere voorbereiding met volle teugen genoot van zijn dagje puffen in de Zwitserse bergen.
Een gedetailleerd verslag van elk van deze kanjers kan je hen beter zelf vragen bij een Karmelietentreintje want we hebben allemaal weer een lang maar zuurverdiend toogverhaal bij.
Wat mezelf betreft zijn er 2 zaken waar ik me niet zo opgezet bij voel, nl klimmen en hitte. De heetste Cristalp van de geschiedenis was dus het scenario van een aangekondigde fiasco wat mijn eindtijd betrof. Ik voelde me goed tot rond de middag en was in Hérémence maar 8 minuten achter op Cis V. Johan was een paar minuutjes achter mij omwille van zijn kettingbreuk. Toen de temperatuur echter begon op te lopen, wilde mijn hartslag dit niet meer en voelde ik dat ik de rest van de dag enorm zou afzien. Een consultatie bij Dr. Dafalgan bleek onverwacht efficiënt tegen opkomende krampen maar kon niet zorgen voor extra jus in de benen en ik moest me van bevoorrading naar bevoorrading slepen om daar liters water, bouillon en sportdrank op te slaan. Ook de extra flesjes water om over mijn dampende kop te kappen, konden geen soelaas brengen en Pas de Lona zorgde voor de finale doodsteek zodat ik zelfs de laatste beklimming van de dag (Bassin de Lona, 2 km) mocht ‘optsjaffelen’ als een oververhitte ‘Tsjieppe aan het spit’. De afdaling reed ik aan een razend tempo om toch nog een beetje een goed gevoel aan te zwengelen. Ondanks de horde enthousiaste Zupporters aan de finish was het eerste gevoel er één van ontgoocheling maar al gauw maakte dit toch plaats voor tevredenheid dat iedereen veilig in Grimentz was aangekomen.
We rijden samen naar hotel Alpina en de herinnering aan het lekkere diner dat we daar in 2007 ’s avonds hebben gegeten doet ons al likkebaarden. Aan de receptie krijgen we echter te horen dat het restaurant deze zomer niet open is (??). Ons Vérooke weet echter de zuideuropese seizoensarbeider aan de receptie met -onder andere- haar beste Portugees te verleiden en hij reserveert voor ons een restaurant. Het Portugees charme-offensief van Véro bleek uiteindelijk dan toch niet noodzakelijk, aangezien de man een tijdje in Gent heeft gewoond en hij zich in niet onaardig Nederlands uit de slag kan trekken.
Een verfrissende douche en een korte wandeling later zitten we in een gezellig restaurantje aan de andere kant van Grimentz waar we bij het aperitief even tijd maken om een andere belangrijke gebeurtenis van de dag te belichten. In alle Cristalp-gekte zouden we haast vergeten dat Véronique jarig is en daarom toosten we op haar gezondheid. Er worden wat cadeautjes uitgepakt en we toosten nog een keer. We zijn blij dat we een mooie bikedag hebben beleefd, dus … toosten we een keer. En zo gaat het nog een tijdje door.
Na een deugddoend ontbijt is het tijd voor de traditionele zondagse champagne-uitstap naar Lac du Moiry. Onderweg stoefen de venten nog eens met de enorme prestatie die we geleverd hebben en wijzen we er de vrouwen tot vervelens toe op welke kleine steile paadjes we naar beneden zijn gevlamd en hoe we, balancerend op de rand van de afgrond, toch het onberijdbare keienpad hebben bereden. Moesten auto’s rijden op testosteron, dan waren we thuisgeraakt zonder te tanken!
Aan de voet van de gletsjer gaan we op zoek naar een geschikte plaats om te aperitieven en in een niet te evenaren avontuurlijke roes slaan we de meest evidente rotstafels over om terecht te komen op een klein eilandje midden het gletsjerwater. Als doorwinterde frigoboxtoeristen draperen we een overdaad aan hapjes tussen het gras en het duurt niet lang vooraleer het ijskoude water de champagne op drinktemperatuur heeft gekregen. Klinken en drinken is het motto en in geen tijd zijn de flessen leeg.
Francis V.oppert het voorstel om de klimwandeling naar de berghut te maken omdat dit een deel van de gletsjervallei is dat we nog nooit verkenden. Na enig overleg beginnen we te wandelen met de optie dat iedereen zijn zin doet, afhankelijk van de goesting, weersomstandigheden en/of fysieke conditie. Na een goed uur stoppen we eerst nog om tussen de kalfjes samen onze pic-nic op te eten. Daarna kan iedereen beslissen hoe hij zelf de rest van de namiddag invult. Sommigen keren op hun stappen terug op zoek naar een sauna-pauze, anderen wandelen nog ietsje verder en nemen dan een short-cut om terug te gaan zonnen aan de voet van de gletsjer en de rest gaat in de brandende hitte door tot het bittere eind. Of eigenlijk het ‘zoete eind’ want de klauterpartij voert ons naar een berghut met zicht op de gletsjer en de omliggende prachtige natuur. Een volleerde ‘Gertruude in Tirol’ (ik weet het, we zijn in Wallis maar soit) piloteert ons over een bij wijlen uitdagende singletrack en weidt ons in in de geheimen van het bergwandelen. Ze vertelt zo gepassioneerd over haar vroegere trekkersvakanties dat ze er in slaagt om de kiem te zaaien voor een ZEbergvakantie waarbij we een drietal dagen van berghut naar berghut zouden willen wandelen.
’s Avonds is het opnieuw tijd voor wat culinaire ontspanning en in deze streek mag een avondje raclette met bijhorende wijnen natuurlijk niet op het menu ontbreken. We laten het ons smaken en om de traditie van Verbier verder te zetten, moeten we natuurlijk nog wat vlees bijbestellen. Zij het dan dat het hier een beetje duurder uitvalt: ze rekenen 27 Chf voor een bordje grison-vlees van 120gr. Ons Véro is echter streng: zij wíl en Cis zál vlees bijbestellen … en zo geschiedde het.
Na het eten blijven we niet al te lang plakken want de mooie dag heeft zijn tol geëist en de vermoeidheid is op de gezichten te lezen.
Op maandag is het tijd om terug te keren. We doen onze bijdrage aan de curator van ons failliete hotel, er wordt een lokale krant gehaald met het overblijvende muntgeld en de laatste afspraken worden gemaakt. Hans is van plan ook vandaag een marathon uit zijn wielen te schudden en zal in één snok doorsjeezen naar Gent omdat hij op tijd wil zijn voor de poes van Ann.( …ja, ja!). We moeten dus ook afscheid nemen van Filip en Christine want zij rijden samen. Het afscheid verloopt emotioneel en hier en daar wordt onopvallend een traantje weggepinkt. Het is deze week opnieuw overduidelijk is geworden:
Zewieties zijn niet énkel een mountainbikeclub…
Grtz buddies,
Tsjieppe


